De Prins als wisselplaats

Toen het in 1881 werd verboden raadsvergaderingen in ruimtes waar ook drank werd geschonken te houden, moest de gemeenteraad ergens anders naar toe. De Dorpsstraat is lange tijd een belangrijke verbindingsweg tussen Utrecht en Arnhem. Goederen en personen werden veelal met paard en wagen vervoerd.
Langs de route waren wisselplaatsen voor de paarden. Voor de wagen werd een ‘vers’ paard geplaatst en het andere paard kreeg de gelegenheid te herstellen op de wisselplaats. De Prins was zo’n wisselplaats. Voor de koetsier en de passagiers was het eveneens een plek waar gegeten en gedronken kon worden en arriveerde men ’s avonds dan kon men daar ook overnachten. De stalhouder was tegelijkertijd caféhouder.

Cornelis Blanken is aan het eind van de 18e eeuw eigenaar van De Prins. Blanken is ook een goed koopman. Hij legt zich steeds meer toe op het vervoer van goederen als stro en olie, waarvoor hij eigen transportmiddelen inzet. Het bedrijf wordt in de volksmond Blanken-Prins genoemd. Eef Blanken treedt in de voetsporen van zijn vader. In 1904 neemt hij De Prins over. Hij trouwt met Jannigje Ploeg.

